![]() |
| Stuck in der grossen Feldbergkurve - 1935 Gelatine zilverprint op barietpapier |
maandag 19 november 2012
zondag 2 september 2012
Road trip naar Lille
Het eerste weekend van September is traditie getrouw voor Lille. Lille organiseerd al sinds 1127 in het eerste weekend van September een braderie. Met ruim 10.000 officiele exposants en vele hobby-handelaren is de braderie de grootste rommelmarkt van Europa.
In de loop der jaren zijn er veel tradities aan het gebeuren toegevoegd. Zo kun je overal mosselen en friet eten op Zaterdag-middag is er een marathon (waarbij de lopers dwars door de rommelmarkt lopen) en nergens je auto kwijt kan. Vanwege deze laatste traditie zijn we dit jaar een dag eerder vertrokken.
Nadat we vrijdagmiddag ronds 19:00 uur uit Nederland vertrokken kwamen we om 22:00 uur is Halluin/Halewijn aan. Verbazend is het feit dat er nog iemand geweest is die aan Halluin een Wikipedia heeft gewijd, want het is een van de deprimerenste plaatsen die je je kunt bedenken. We besluiten iets te gaan drinken in het dorp. Na een kwartier lopen langs onverlichte huizen, afgesloten door rolluiken komen we in een centrum aan waar alle kroegen dicht zijn, op 1 na. Hier staan 10 dorpelingen; die zo uit de boeken van Demitri Verhulst zijn komen stappen; hun vrijdag avond te vieren. We drinken er twee drankjes en gaan terug naar ons budget-hotel naast fastfood restaurant Buffelo-(b)ill (de verlichting van de tweede b is uitgevallen).
Maar dan de dag; doordat Halluin zich op 7 kilometer van Lille bevindt en we om 6:30 uit het hotel vertrekken zijn we voor 7 uur in Lille. En dan kun je met enige moeite nog wel ergens je auto kwijt! Het eten een croissantje en een pain-aux-raisin bij de bakker en gaan op zoek naar een schat! En die hebben we gevonden.
Fayence- en Tegelfabriek Holland, was rond 1900 een van de belangrijkste plateel fabrieken. Een van de belangrijkste ontwerpers van F&T Holland was Jan W. Mijnlieff, die in 1894 de fabriek beheerde tot de sluiting in 1920. Hij maakte zeer karakteristieke "art nouveau" vazen die rijkelijk gedecoreerd werden met gestileerde tekeningen van bloemen en vogels (vaak zwaluwen). Ik kocht rond 9:30 een enorme amphora vaas van 36cm hoog! De man die hem verkocht wist nog wel te vertellen dat hij uit Utrecht kwam, maar heeft duidelijk veilingresultaten van Christies er nier op nagetrokken, waardoor ik hem voor 70,- euro mee kreeg.
Na de Mijnlieff-vaas naar de auto gebracht te hebben vervolgde we onze tocht. Rond het "rode hek" (wat stadspark Parc Jean-Baptiste Lebas omsluit), is het rond 12:00 uur beduidend drukker geworden dan 3 uur daarvoor. Voor het idee; de braderie trekt jaarlijks 1 tot 2 miljoen bezoekers. 70-80% Nederlanders, al dan niet met een georganiseerde busreis in gereden. Maar gelukkig zijn er veel van deze Nederlandse huisvrouwen die opzoek zijn naar leuke dingetjes voor hun hobby-brocante winkeltjes en internet-sites. Zij kopen allemaal dezelfde items; blauwe soda-flessen, melkflessen rekjes en plakjes met haakjes voor je theedoek en pannenlappen. Mooie vazen laten ze staan.
En zo kocht ik in alle drukte voor nog geen 40,- euro een Unica vaas van Henri Breetvelt voor plateel fabriek Zuid Holland. Henri Leonardus August Breetvelt was een van Nederlands belangrijkste vernieuwers in de decoratie van Nederlands aardewerk. Samen met Th. Colenbrander was hij een van de eerste die de natuur wist te reduceren tot totaal abstracte patronen. Deze decors werden eenmalig gebruikt om zo unica vazen en schalen te maken. Breetvelt heeft zijn belangrijkste werk gemaakt voor plateel fabriek Zuid Holland te Gouda. De fabriek werd 1898 opgericht als commerciele tegenhander van plateel fabriek Rozenburg uit Den Haag, maar met de komst van o.a. Henri Breetvelt en Chris van der Hoef kreeg Zuid Holland een eigen karakter.
Het feit dat de verkoper echt niet wist wat hij verkocht werd nog eens benadrukt door het feit dat hij de vaas gebruikte als prullenbakje. Uiteindelijk was de vaas na leeg schudden z'n 30 perzikpitten, 100 zonnenbloemschilletjes een pen en meer dan 50 toffee papiertjes armer en beduidend minder zwaar.
Na een pick-nick in het parkje achter het stadhuis liepen we nog wat rondjes. Vele gekke, leuke en mooie dingen; kraampjes met houte slees, een koffer voor amateur porno uit de jaren 80 (voor een schamele 1000,- euro!), oude leger uniformen, geweren en bajonetten. Mocht je ooit een dierentuin met opgezette dieren willen beginnen; ga naar Lille; krokodillen, zwijnenkoppen, hertenkoppen, slangen, tijgers, alles! Je kunt het zo gek niet bedenken of je kunt het kopen. Maar met twee mooie vazen opzak was het wel weer eens welletjes. Na 8 uur vrijwel onafgebroken lopen besloten we om 15:30 weer terug te keren naar Nederland. En zo eindigd de road trip na wat files en omleidingen weer in Rotterdam.
Tip van de dag: Zet Lille alvast in je agenda voor 2013. Iedereen die een beetje van rommelmarkten houdt moet eens in zijn leven in Lille geweest zijn. Een beetje training is wel essentieel, anders kom je letterlijk en figuurlijk om in de rommel en zie je door de bomen het bos niet meer (of beter gezegd door de mensen de breetvelt vazen niet meer).
zaterdag 25 augustus 2012
Speciaal voor Gijs
Het zal niemand ontgaan zijn; we zijn nu al ruim 2 maanden met zijn drieën. En omdat Gijs nu al zo dol is op mooie auto's heb ik maar weer een nieuwe auto voor zijn collectie gekocht! Het autopark wordt uitgebreid met de Crash car van Ineke Hans.
Ineke Hans (1966) studeerde aan de Royal College of Art in Londen. Na haar studie richtte ze in 1998 haar designstudio INEKEHANS/ARNHEM op.
In 2000 ontwierp ze een serie speciaal voor kinderen, waar ze veel bekendheid mee kreeg; de Black Beauties serie. De serie bestaat uit enkele meubelen, tafeltjes, stoelen, een kinderstoel een hobbelpaard en voor de jongens een tweetal auto's. In de loop der jaren is de collectie iets uitgebreid en zijn er nog meer Black beauties bij gekomen. Alle items zijn gemaakt van gerecycled zwart plastic. De meeste producten zijn robuust van vormgeving en dit in combinatie met het harde zwarte materiaal waarvan de items gemaakt zijn, geeft het geheel een onverwoestbaar uiterlijk. Uitermate geschikt voor kinderen dus.
De Crash car is een van de meest populaire producten uit de Black beauties serie en is ook al opgenomen in de collectie van verschillende musea, waaronder het Stedelijk in Amsterdam. De auto heeft een handvat bovenop waardoor kleine jongens hem goed vast kunnen houden en heen en weer kunnen bewegen. Er zit een chaffeur in die ook uit de auto kan. Leuk is ook dat je het autootje gesigneerd kan krijgen en zo heeft Gijs dus een echte Ineke Hans met zijn naam onderop!
Tip van de dag: Wederom via Christian Ouwens te verkrijgen!
zondag 29 juli 2012
Chris Lanooy
Dat bloggen niet altijd eenrichtingverkeer is blijkt de laatste tijd steeds vaker. Nadat ik mijn blog over Lucie Q Bakker posten kreeg ik een reactie van andere fanatieke verzamelaar. We mailen wat heen en weer. En uiteindelijk koop ik van hem een vaas van Chris Lanooy. En wat voor een! Ik had al enkele dingen van Lanooy, maar de nieuwe vaas is meteen het topstuk binnen mijn Lanooy verzameling en daarom toch nog een blogje over Chris Lanooy.
Christiaan Johannes Lanooij (st. Annaland 1881 - Epe 1948) is een van de belangrijkste keramisten die ons land ooit gekend heeft. Maar er valt meer te vertellen over Lanooij. Hij werd geboren in st. Annaland, maar verhuisde op jonge leeftijd naar Den Haag. Daar volgde hij zijn opleiding tot plateel schilder. Hij zou dit bij Rozenburg gedaan hebben (hij heeft daar op de loonlijst gestaan, maar wat hij precies gemaakt heeft is niet goed bekend). We hebben het dan over een zeer jonge Lanooij, want kinderarbeid was des tijds zeer gewoon. Daarna werkt hij korte tijd voor Plateel fabriek Zuid Holland te Gouda. En zo kwam Lanooij dus in Gouda terecht. Van Zuid Holland ging Lanooij voor Haga Purmerend werken, echter hoewel ze schitterende dingen maakte bij Haga ging de fabriek snel failliet. Haga werd opgericht in 1904 maar in 1907 al weer overgenomen door Plateelfabriek Amstelhoek. Lanooij is uiteindelijk maar een jaar verbonden geweest aan de fabriek.
![]() |
| Personeel Plateelfabriek Zuid Hollad |
Lanooij keerde terug naar Gouda en begon hier zijn eigen pottenbakkerij. Hetgeen in die tijd bijzonder was, want dit maakte hem tot een van de eerste zelfstandige keramisten van Nederland. Lanooij had veel succes met zijn vrije werk. Hij experimenteerde met allerlei soorten glazuren; in zijn atelier aan de Kleiweg had hij 4 verschillende ovens staan voor zout-, lood-, tin-, metaliek- en reductie-technieken. Via H.P. Bremmer (Nederlands bekentste kunstpedagoog) wist Lanooij veel werk te verkopen aan welgestelde, waaronder mevrouw Kröller-Muller.
Het ging Lanooij in Gouda zo goed dat hij in 1908 van de Kleiweg verhuisde naar de Wachtelstraat waar hij een grotere oven bouwde. Maar ondanks dat het Lanooij finacieel goed ging in Gouda besloot hij in 1920 toch te verhuizen. Zijn zoon, Hedda, was in het voorjaar van dat jaar overleden en ook zijn dochter Lotty was ziek. In de hoop dat de landelijke omgeving hen goed zou doen vertrok het gezin naar Epe.
Een nieuwe periode vraagt om een nieuwe naam, moet Lanooij gedacht hebben en daarom schrijven we Lanooij na 1920 als Lanooy (zonder puntjes op de y dus). In Epe maakte Lanooy veel ongedecoreerd werk en legde zich toe op het uitwerken en experimenteren met glazuren. Decoratie zien we nog wel terug op zijn series paddenstoelen-, vissen- en vogelborden.
Vanuit Epe trok Lanooy met zijn werk het hele land door. Langs vaste klanten en tentoonstellingen. Lanooy moet door gehad hebben dat mythevorming belangrijk is voor het voortbestaan van een kunstenaar na zijn dood. Naast dat hij een aparte verschijning was met zijn grote lange baard, deed hij ook vreemde dingen. Zo bouwde hij een podium in zijn tuin met daarom een draaischijf waarop hij de bevolking van Epe liet zien hoe hij potten maakte. Om te bewijzen dat deze vazen van hoogwaardige kwaliteit waren liet hij ze na het bakken expres vallen om te laten zien dat ze (bijna altijd) onbreekbaar waren, of hij gebruikte een vaas om spijkers mee in het hout te slaan.
Ook bij de verkoop van werk haalde Lanooy rare truken uit. Zo verhoogde hij de prijs van zijn vazen ter plekke naarmate de potentiele koper serieuzere ambities had om een van zijn vazen te kopen. Was een vaas aan het begin van de onderhandeling nog 300 gulden, dan kon het zomaar gebeuren dat het zelfde stuk binnen een half uurtje een prijsstijging doormaakte waardoor hij uiteindelijk voor 500 gulden van de hand ging.
Daarnaast had Lanooy ook wat eigenaardige kanten. Zijn zoon, Cees, die hem vast assisteerde mocht bijvoorbeeld niet weten hoe zijn vader de bijzondere glazuren maakte. Een geheim wat hij uiteindelijk wel wilde delen met een van zijn andere vaste medewerkers, Frans Slot. Ook hielp hij het echtpaar Hobbel-van Harten bij de bouw van hun keramiek oven toen zij zich los wilde maken, na een aantal jaren bij Lanooy in de leer te zijn geweest. Echter, hij bouwde de oven wel zo dat bijna alle vazen kapot sprongen tijdens het bakken en het echtpaar er dus bijna geen productie uit haalde.
Kortom te veel informatie voor 1 blogje. Maar er komt vast nog meer werk van Lanooy in de collectie; dus wordt vervolgd!
Tip van de dag: Als je deze blog leest en je hebt nog iets van Lanooy wat niet zo goed in je verzameling past laat het dan even weten ;)
maandag 9 juli 2012
Lea Halpern
Onbekend maakt niet altijd onbemind. Soms zijn namen klein bij het grote publiek, maar kunnen ze toch op veel waardering rekenen bij de kenners/verzamelaars. Een van de best bewaarde geheimen van onze keramiek geschiedenis is Lea Halpern.
Lea Henie Halpern (1901-1985) was een Joodse kunstenares. Ze werd geboren in Mikuliczyn (wat nu tot de oekraine behoord), maar groeide op in Berlijn. In 1917 verhuisde het gezin naar Amsterdam. Hier volgde Lea Halpern lessen aan de Quellinus school, waar ze les kreeg van Bert Nienhuis (zoals (hoop ik) bekend; een van Nederlands belangrijkste keramisten van de vorige eeuw. Zie blog "de leerling van..."). Maar daar bleef het niet bij; ook volgde ze lessen aan het "Atelier für Malerei & Plastik" in Berlin en "Kunstgewerbeschule des
Oesterreichen Museums für Kunst und Industrie" in Wenen bij Prof. Michael Powolny. Terug in Nederland studeerde ze ook nog enige tijd aan de
"Klei & Aardewerkindustrie school" (de kleischool) in Gouda.
Na haar opleiding begon ze haar eigen atelier. Hier maakte ze veel vazen en schalen, maar ook kleine dier plastieken en kleine vierkante aardewerk plakjes die als broches verkocht werden. Lea was bijzonder goed in het maken van bijzondere glazuren en oogste hier veel succes mee. Ze behoorde tot de groep keramisten die hun inspiratie vonden in het oude oosterse aardewerk (zoals celadon). Lea werd al snel een bekendheid in Nederland. Dit blijkt ondermeer uit de aanwezigheid van koningin Emma en Prinses Juliana op haar eerste solo-expositie in 1931. Zij kochten veel werk van haar. In 1932 volgte er een grote expositie in het Stedelijk te Amsterdam. Het succes was groot en Lea Halpern verkocht veel van haar werk aan musea en verzamelaars.
In 1939 werd ze gevraagd voor een expositie in het Holland House in het Rockefeller Center in New York (een afdeling die ingesteld was om de handel en culture uitwisseling tussen Nederland en Amerika te versterken). Omdat Lea bang was dat er tijdens het vervoer van haar werk dingen beschadigd zouden raken besloot ze met haar werk mee te reizen. Zo kwam het dat Lea Halpern vlak voor het uitbreken van de tweede wereld oorlog met de SS Rotterdam naar Amerika vertrok.
Vanwege haar Joodse afkomst was het voor Lea Halpern niet veilig om terug te reizen naar Nederland. Ze besloot daarom een nieuw bestaan op te bouwen in Amerika. Tot 1980 woonde ze in Baltimore met haar man de zanger Lincoln Newfield. Van 1980 tot haar dood woonde ze in Engeland (Lincoln Newfield overleed in 1976, wat Lea's zin in het leven ontnam. Ze besloot daarom bij haar broer in Manchester te gaan wonen). Na haar dood werd ze in Israel begraven.
Door haar vele reizen en haar lange verblijf in Amerika is Lea Halpern wereldwijd bekend. Haar werk bevindt zich dan ook in veel grote musea over de gehele wereld (o.a. The British Musuem in London, Baltimore Museum of Art en the MET in New York). Vooral in Amerika zijn er nog vele fanatieke verzamelaars. Hier werd zij in the New York Times nog the van gogh of potters genoemd (4 juli 1999). In Nederland lijken we haar soms een beetje vergeten te zijn, mede door haar relatief korte verblijf hier. Toch komt haar werk maar heel zelde op de markt. Desondanks is het gelukt om een mooie sculptuur van haar te pakken te krijgen; twee pinguins uit haar Amsterdamse jaren.
donderdag 5 juli 2012
Hippe mensen hippe tassen
Wie goed opgelet heeft kan het niet ontgaan zijn. Overal, maar vooral hier in Rotterdam, lopen hippe mensen met hippe nylon tassen; the New Shoppingbag! Hoewel the New Shoppingbag eigenlijk al niet meer zo new is, blijft het een "must have" voor de hippe Rotterdammer. De Tas is ontworpen door Susan Bijl.
Na haar studie aan de Willem de Kooning academie in Rotterdam begon ze in 2000 samen met haar vriend Vincent van Duin een ontwerpstudio. The New Shoppingbag was een van de eerste ontwerpen en werd meteen een wereldwijd succes. De tas is gemaakt van een nylon soort waar ook vliegers en zeilen van gemaakt worden en heeft altijd de zelfde hele eenvoudige opbouw. Rechthoekig met een asymetrische diagonaal door het midden. De eerste tassen waren vel van kleur; vaak met de diagonaal in een neon-kleur, maar in de loop de jaren zijn er steeds weer nieuwe varianten op gekomen. The New Shoppingbag werd na zijn release een instant design klassieker, maar nu is er dus weer een nieuwe en vandaar deze blog. Er is een limited edition! Susan heeft samen./in opdracht van Christian Ouwens een nieuwe serie ontworpen.
Christian Ouwens heeft een mooie galerie aan de oppert in Rotterdam en heeft al vaker bekende ontwerpers gevraagd om voor zijn winkel bepaalde producten te ontwikkelen. Zo maakte Maarten Baas 5 unica Smoke klokken voor hem (waarvan er nu een bij ons hangt) en ontwierp Mieke Meijer een prachtig bureau in een oplage van vijf. Nu was dus de buurt aan Susan Bijl.
Aan het ontwerp is niets veranderd; de kleuren maken het nieuw. Inspiratie voor de kleurkeuze kwam van oude inktpotten. Uiteraard zit er zwart in, een ivor witte/ecru wat doet denken aan oud papier. Er is een blauw (wat in de buurt komt van koningsblauwe inkt) en een soort oud rood, zoals iedereen zich ook nog wel herinnerd van zijn oude school schriften. De samenwerking levert weer een aantal mooie nieuwe varianten van een designklassieker op. Allen voorzien van een label met daarop "by Susan Bijl + Christian Ouwens".
Tip van de dag: Wil je ook hip boodschappen doen, koop dan nu de limited edition van the New Shoppingbag; exclussief verkrijgbaar Christian Ouwens. www.christianouwens.nl/
dinsdag 5 juni 2012
ado
Even dacht ik dat het niet meer zou gaan lukken. Al jaren hopen we op iedere markt die we bezoeken dat we er eentje zouden vinden. Nooit was het zo. Maar nu we over een klein maandje een zoontje krijgen begon ik me serieus zorgen te maken. Zouden we optijd een ado auto te vinden voor zijn kamer...
Maar het is gelukt en zo kwam alles toch op de valreep nog goed! Veel mensen denken waarschijnlijk; wat is er nou zo leuk en bijzonder aan een "gehavende" oude houten speelgoed auto. Nou veel! en daarom een blog.
Ado werd in 1925 opgericht vanuit het Senatorium Berg en Bosch in Apeldoorn. Hier werden tuberculose patienten behandeld en omdat deze mensen voorbereid moesten worden voor hun terugkeer in de maatschap werd er een werkplaats ingericht. Hier werd kinderspeelgoed gemaakt onder de merknaam "ado". Arbeid-door-onvolwaardigen (een bedrijfnaam waar je tegenwoordig minder goed mee weg komt. In 1962 werd de afkorting dan ook gewijzigd in "Apart Doelmatig Onverwoestbaar").
Wat de ontwerpen van ado zo speciaal maakt is de vormgeving in de Stijl van "de Stijl". Naast auto's werden er ook treinen, blokkendozen, speelgoed-meubeltjes enz. gemaakt. De ontwerpen waren afkomstig van Ko Verzuu. In de ontwerpen zie je duidelijk de invloeden terug van de Stijl. Ko Verzuu was erg onder de indruk van de strakke vormgeving en kleur gebruik van architecten zoals Gerrit Rietveld en voerde deze lijnen door in zijn ontwerpen. De producten werden verkocht via de Bijenkorf en firma Metz&co (en enkele andere exclussieve zaken).
In 1933 verhuiste de kliniek en bijbehorende werkplaats naar Bildhoven. Uiteindelijk zou de werkplaats in 1962 overgenomen worden door een commercieel bedrijf (die hierop ook de afkorting nieuw leven in blies). Maar met de overname voorloor het speelgoed ook zijn kenmerkende stijl en populariteit.
Ado-speelgoed wordt veel verzameld en is daardoor moeilijk te vinden. CODA-museum Apeldoorn heeft een grote collectie en ook het Haags gemeente museum en het Boijmans hebben veel stukken. Het behoort tot de top van het design van de vorige eeuw (zeker op speelgoed gebied). We vonden onze auto via internet de aanbieder heeft een super collectie en verkoopt sommige stukken via zijn site!
Tip van de dag is dan ook: www.toys-art.eu
Abonneren op:
Posts (Atom)


