zaterdag 25 augustus 2012

Speciaal voor Gijs

Het zal niemand ontgaan zijn; we zijn nu al ruim 2 maanden met zijn drieën. En omdat Gijs nu al zo dol is op mooie auto's heb ik maar weer een nieuwe auto voor zijn collectie gekocht! Het autopark wordt uitgebreid met de Crash car van Ineke Hans.
 
 
 
 
Ineke Hans (1966) studeerde aan de Royal College of Art in Londen. Na haar studie richtte ze in 1998 haar designstudio INEKEHANS/ARNHEM op.
In 2000 ontwierp ze een serie speciaal voor kinderen, waar ze veel bekendheid mee kreeg; de Black Beauties serie. De serie bestaat uit enkele meubelen, tafeltjes, stoelen, een kinderstoel een hobbelpaard en voor de jongens een tweetal auto's. In de loop der jaren is de collectie iets uitgebreid en zijn er nog meer Black beauties bij gekomen. Alle items zijn gemaakt van gerecycled zwart plastic. De meeste producten zijn robuust van vormgeving en dit in combinatie met het harde zwarte materiaal waarvan de items gemaakt zijn, geeft het geheel een onverwoestbaar uiterlijk. Uitermate geschikt voor kinderen dus.
De Crash car is een van de meest populaire producten uit de Black beauties serie en is ook al opgenomen in de collectie van verschillende musea, waaronder het Stedelijk in Amsterdam. De auto heeft een handvat bovenop waardoor kleine jongens hem goed vast kunnen houden en heen en weer kunnen bewegen. Er zit een chaffeur in die ook uit de auto kan. Leuk is ook dat je het autootje gesigneerd kan krijgen en zo heeft Gijs dus een echte Ineke Hans met zijn naam onderop!
 
 
 
 
Tip van de dag: Wederom via Christian Ouwens te verkrijgen!

zondag 29 juli 2012

Chris Lanooy

Dat bloggen niet altijd eenrichtingverkeer is blijkt de laatste tijd steeds vaker. Nadat ik mijn blog over Lucie Q Bakker posten kreeg ik een reactie van andere fanatieke verzamelaar. We mailen wat heen en weer. En uiteindelijk koop ik van hem een vaas van Chris Lanooy. En wat voor een! Ik had al enkele dingen van Lanooy, maar de nieuwe vaas is meteen het topstuk binnen mijn Lanooy verzameling en daarom toch nog een blogje over Chris Lanooy.

Christiaan Johannes Lanooij (st. Annaland 1881 - Epe 1948) is een van de belangrijkste keramisten die ons land ooit gekend heeft. Maar er valt meer te vertellen over Lanooij. Hij werd geboren in st. Annaland, maar verhuisde op jonge leeftijd naar Den Haag. Daar volgde hij zijn opleiding tot plateel schilder. Hij zou dit bij Rozenburg gedaan hebben (hij heeft daar op de loonlijst gestaan, maar wat hij precies gemaakt heeft is niet goed bekend). We hebben het dan over een zeer jonge Lanooij, want kinderarbeid was des tijds zeer gewoon. Daarna werkt hij korte tijd voor Plateel fabriek Zuid Holland te Gouda. En zo kwam Lanooij dus in Gouda terecht. Van Zuid Holland ging Lanooij voor Haga Purmerend werken, echter hoewel ze schitterende dingen maakte bij Haga ging de fabriek snel failliet. Haga werd opgericht in 1904 maar in 1907 al weer overgenomen door Plateelfabriek Amstelhoek. Lanooij is uiteindelijk maar een jaar verbonden geweest aan de fabriek.

Personeel Plateelfabriek Zuid Hollad
Lanooij keerde terug naar Gouda en begon hier zijn eigen pottenbakkerij. Hetgeen in die tijd bijzonder was, want dit maakte hem tot een van de eerste zelfstandige keramisten van Nederland. Lanooij had veel succes met zijn vrije werk. Hij experimenteerde met allerlei soorten glazuren; in zijn atelier aan de Kleiweg had hij 4 verschillende ovens staan voor zout-, lood-, tin-, metaliek- en reductie-technieken. Via H.P. Bremmer (Nederlands bekentste kunstpedagoog) wist Lanooij veel werk te verkopen aan welgestelde, waaronder mevrouw Kröller-Muller. 
Het ging Lanooij in Gouda zo goed dat hij in 1908 van de Kleiweg verhuisde naar de Wachtelstraat waar hij een grotere oven bouwde. Maar ondanks dat het Lanooij finacieel goed ging in Gouda besloot hij in 1920 toch te verhuizen. Zijn zoon, Hedda, was in het voorjaar van dat jaar overleden en ook zijn dochter Lotty was ziek. In de hoop dat de landelijke omgeving hen goed zou doen vertrok het gezin naar Epe.

Een nieuwe periode vraagt om een nieuwe naam, moet Lanooij gedacht hebben en daarom schrijven we Lanooij na 1920 als Lanooy (zonder puntjes op de y dus). In Epe maakte Lanooy veel ongedecoreerd werk en legde zich toe op het uitwerken en experimenteren met glazuren. Decoratie zien we nog wel terug op zijn series paddenstoelen-, vissen- en vogelborden.
Vanuit Epe trok Lanooy met zijn werk het hele land door. Langs vaste klanten en tentoonstellingen. Lanooy moet door gehad hebben dat mythevorming belangrijk is voor het voortbestaan van een kunstenaar na zijn dood. Naast dat hij een aparte verschijning was met zijn grote lange baard, deed hij ook vreemde dingen. Zo bouwde hij een podium in zijn tuin met daarom een draaischijf waarop hij de bevolking van Epe liet zien hoe hij potten maakte. Om te bewijzen dat deze vazen van hoogwaardige kwaliteit waren liet hij ze na het bakken expres vallen om te laten zien dat ze (bijna altijd) onbreekbaar waren, of hij gebruikte een vaas om spijkers mee in het hout te slaan.
Ook bij de verkoop van werk haalde Lanooy rare truken uit. Zo verhoogde hij de prijs van zijn vazen ter plekke naarmate de potentiele koper serieuzere ambities had om een van zijn vazen te kopen. Was een vaas aan het begin van de onderhandeling nog 300 gulden, dan kon het zomaar gebeuren dat het zelfde stuk binnen een half uurtje een prijsstijging doormaakte waardoor hij uiteindelijk voor 500 gulden van de hand ging.

Daarnaast had Lanooy ook wat eigenaardige kanten. Zijn zoon, Cees, die hem vast assisteerde mocht bijvoorbeeld niet weten hoe zijn vader de bijzondere glazuren maakte. Een geheim wat hij uiteindelijk wel wilde delen met een van zijn andere vaste medewerkers, Frans Slot. Ook hielp hij het echtpaar Hobbel-van Harten bij de bouw van hun keramiek oven toen zij zich los wilde maken, na een aantal jaren bij Lanooy in de leer te zijn geweest. Echter, hij bouwde de oven wel zo dat bijna alle vazen kapot sprongen tijdens het bakken en het echtpaar er dus bijna geen productie uit haalde.

Kortom te veel informatie voor 1 blogje. Maar er komt vast nog meer werk van Lanooy in de collectie; dus wordt vervolgd!


Tip van de dag: Als je deze blog leest en je hebt nog iets van Lanooy wat niet zo goed in je verzameling past laat het dan even weten ;)





maandag 9 juli 2012

Lea Halpern

Onbekend maakt niet altijd onbemind. Soms zijn namen klein bij het grote publiek, maar kunnen ze toch op veel waardering rekenen bij de kenners/verzamelaars. Een van de best bewaarde geheimen van onze keramiek geschiedenis is Lea Halpern.

Lea Halpern - Pinguins
Lea Henie Halpern (1901-1985) was een Joodse kunstenares. Ze werd geboren in Mikuliczyn (wat nu tot de oekraine behoord), maar groeide op in Berlijn. In 1917 verhuisde het gezin naar Amsterdam. Hier volgde Lea Halpern lessen aan de Quellinus school, waar ze les kreeg van Bert Nienhuis (zoals (hoop ik) bekend; een van Nederlands belangrijkste keramisten van de vorige eeuw. Zie blog "de leerling van..."). Maar daar bleef het niet bij; ook volgde ze lessen aan het "Atelier für Malerei & Plastik" in Berlin en "Kunstgewerbeschule des Oesterreichen Museums für Kunst und Industrie" in Wenen bij Prof. Michael Powolny. Terug in Nederland studeerde ze ook nog enige tijd aan de "Klei & Aardewerkindustrie school" (de kleischool) in Gouda.
Na haar opleiding begon ze haar eigen atelier. Hier maakte ze veel vazen en schalen, maar ook kleine dier plastieken en kleine vierkante aardewerk plakjes die als broches verkocht werden. Lea was bijzonder goed in het maken van bijzondere glazuren en oogste hier veel succes mee. Ze behoorde tot de groep keramisten die hun inspiratie vonden in het oude oosterse aardewerk (zoals celadon). Lea werd al snel een bekendheid in Nederland. Dit blijkt ondermeer uit de aanwezigheid van koningin Emma en Prinses Juliana op haar eerste solo-expositie in 1931. Zij kochten veel werk van haar. In 1932 volgte er een grote expositie in het Stedelijk te Amsterdam. Het succes was groot en Lea Halpern verkocht veel van haar werk aan musea en verzamelaars.
In 1939 werd ze gevraagd voor een expositie in het Holland House in het Rockefeller Center in New York (een afdeling die ingesteld was om de handel en culture uitwisseling tussen Nederland en Amerika te versterken). Omdat Lea bang was dat er tijdens het vervoer van haar werk dingen beschadigd zouden raken besloot ze met haar werk mee te reizen. Zo kwam het dat Lea Halpern vlak voor het uitbreken van de tweede wereld oorlog met de SS Rotterdam naar Amerika vertrok.
Vanwege haar Joodse afkomst was het voor Lea Halpern niet veilig om terug te reizen naar Nederland. Ze besloot daarom een nieuw bestaan op te bouwen in Amerika. Tot 1980 woonde ze in Baltimore met haar man de zanger Lincoln Newfield. Van 1980 tot haar dood woonde ze in Engeland (Lincoln Newfield overleed in 1976, wat Lea's zin in het leven ontnam. Ze besloot daarom bij haar broer in Manchester te gaan wonen). Na haar dood werd ze in Israel begraven.
Door haar vele reizen en haar lange verblijf in Amerika is Lea Halpern wereldwijd bekend. Haar werk bevindt zich dan ook in veel grote musea over de gehele wereld (o.a. The British Musuem in London, Baltimore Museum of Art en the MET in New York). Vooral in Amerika zijn er nog vele fanatieke verzamelaars. Hier werd zij in the New York Times nog the van gogh of potters genoemd (4 juli 1999). In Nederland lijken we haar soms een beetje vergeten te zijn, mede door haar relatief korte verblijf hier. Toch komt haar werk maar heel zelde op de markt. Desondanks is het gelukt om een mooie sculptuur van haar te pakken te krijgen; twee pinguins uit haar Amsterdamse jaren.


donderdag 5 juli 2012

Hippe mensen hippe tassen

Wie goed opgelet heeft kan het niet ontgaan zijn. Overal, maar vooral hier in Rotterdam, lopen hippe mensen met hippe nylon tassen; the New Shoppingbag! Hoewel the New Shoppingbag eigenlijk al niet meer zo new is, blijft het een "must have" voor de hippe Rotterdammer. De Tas is ontworpen door Susan Bijl. 




Na haar studie aan de Willem de Kooning academie in Rotterdam begon ze in 2000 samen met haar vriend Vincent van Duin een ontwerpstudio. The New Shoppingbag was een van de eerste ontwerpen en werd meteen een wereldwijd succes. De tas is gemaakt van een nylon soort waar ook vliegers en zeilen van gemaakt worden en heeft altijd de zelfde hele eenvoudige opbouw. Rechthoekig met een asymetrische diagonaal door het midden. De eerste tassen waren vel van kleur; vaak met de diagonaal in een neon-kleur, maar in de loop de jaren zijn er steeds weer nieuwe varianten op gekomen. The New Shoppingbag werd na zijn release een instant design klassieker, maar nu is er dus weer een nieuwe en vandaar deze blog. Er is een limited edition! Susan heeft samen./in opdracht van Christian Ouwens een nieuwe serie ontworpen.

Christian Ouwens heeft een mooie galerie aan de oppert in Rotterdam en heeft al vaker bekende ontwerpers gevraagd om voor zijn winkel bepaalde producten te ontwikkelen. Zo maakte Maarten Baas 5 unica Smoke klokken voor hem (waarvan er nu een bij ons hangt) en ontwierp Mieke Meijer een prachtig bureau in een oplage van vijf. Nu was dus de buurt aan Susan Bijl.

Aan het ontwerp is niets veranderd; de kleuren maken het nieuw. Inspiratie voor de kleurkeuze kwam van oude inktpotten. Uiteraard zit er zwart in, een ivor witte/ecru wat doet denken aan oud papier. Er is een blauw (wat in de buurt komt van koningsblauwe inkt) en een soort oud rood, zoals iedereen zich ook nog wel herinnerd van zijn oude school schriften. De samenwerking levert weer een aantal mooie nieuwe varianten van een designklassieker op. Allen voorzien van een label met daarop "by Susan Bijl + Christian Ouwens".




Tip van de dag: Wil je ook hip boodschappen doen, koop dan nu de limited edition van  the New Shoppingbag; exclussief verkrijgbaar Christian Ouwens. www.christianouwens.nl/

dinsdag 5 juni 2012

ado

Even dacht ik dat het niet meer zou gaan lukken. Al jaren hopen we op iedere markt die we bezoeken dat we er eentje zouden vinden. Nooit was het zo. Maar nu we over een klein maandje een zoontje krijgen begon ik me serieus zorgen te maken. Zouden we optijd een ado auto te vinden voor zijn kamer...

Maar het is gelukt en zo kwam alles toch op de valreep nog goed! Veel mensen denken waarschijnlijk; wat is er nou zo leuk en bijzonder aan een "gehavende" oude houten speelgoed auto. Nou veel! en daarom een blog.

Ado werd in 1925 opgericht vanuit het Senatorium Berg en Bosch in Apeldoorn. Hier werden tuberculose patienten behandeld en omdat deze mensen voorbereid moesten worden voor hun terugkeer in de maatschap werd er een werkplaats ingericht. Hier werd kinderspeelgoed gemaakt onder de merknaam "ado". Arbeid-door-onvolwaardigen (een bedrijfnaam waar je tegenwoordig minder goed mee weg komt. In 1962 werd de afkorting dan ook gewijzigd in "Apart Doelmatig Onverwoestbaar").
Wat de ontwerpen van ado zo speciaal maakt is de vormgeving in de Stijl van "de Stijl". Naast auto's werden er ook treinen, blokkendozen, speelgoed-meubeltjes enz. gemaakt. De ontwerpen waren afkomstig van Ko Verzuu. In de ontwerpen zie je duidelijk de invloeden terug van de Stijl. Ko Verzuu was erg onder de indruk van de strakke vormgeving en kleur gebruik van architecten zoals Gerrit Rietveld en voerde deze lijnen door in zijn ontwerpen. De producten werden verkocht via de Bijenkorf en firma Metz&co (en enkele andere exclussieve zaken). 
In 1933 verhuiste de kliniek en bijbehorende werkplaats naar Bildhoven. Uiteindelijk zou de werkplaats in 1962 overgenomen worden door een commercieel bedrijf (die hierop ook de afkorting nieuw leven in blies). Maar met de overname voorloor het speelgoed ook zijn kenmerkende stijl en populariteit.




Ado-speelgoed wordt veel verzameld en is daardoor moeilijk te vinden. CODA-museum Apeldoorn heeft een grote collectie en ook het Haags gemeente museum en het Boijmans hebben veel stukken. Het behoort tot de top van het design  van de vorige eeuw (zeker op speelgoed gebied). We vonden onze auto via internet de aanbieder heeft een super collectie en verkoopt sommige stukken via zijn site!  

Tip van de dag is dan ook: www.toys-art.eu 

zondag 13 mei 2012

Louis van Roode

Louis van Roode
Het is weer voorjaar en dus wordt er weer veel geveild. Ook bij Notarishuis aan de Kipstraat is weer een groot en divers aanbod. Toch blijft het lastig op goed werk te vinden van de na-oorlogse Rotterdamse kunstenaars. Er is veel werk van Wim Motz. Werk wat de vorige veiling niet afgeslagen werd was nu opnieuw beschikbaar. Daarnaast was er veel werk van Herman Bieling, maar helaas geen vroeg werk (voor-oorlogs werk van Bieling blijft moeilijk te vinden, mede omdat veel kunstenaars; waaronder bieling; hun atelier in de binnenstad hadden en het bombardement er voor heeft gezorgt dat alle werken in vlammen op gegaan zijn). Nieuw werk was er o.a. van Johan van Reede, Nico Benschop en Louis van Roode.

En op de laatste had ik zitten wachten! In onze collectie mag een werk van Louis van Roode uit zijn Argus-periode niet ontbreken. Maar goed werk van Louis van Roode kom je maar zelden tegen. In totaal werden er 10 kavels met werk van Louis van Roode aangeboden. Waaronder 2 grote abstracten en 1 kleiner doek. Daarnaast waren er mappen met litho's en schetsen, maar ook een mooi werk van liggende vrouw in gemengde technieken (houtskool, acryl en aquarel op papier). En die is het dus geworden.

Wie was Aloysius Maria (Louis) van Roode (1914-1964)? Veel mensen lijken hem al weer bijna vergeten te zijn of hebben uberhaupt nooit van hem gehoord en dat is jammer want ooit was Louis van Roode een van de belangrijkste kunstenaars van Rotterdam. Louis werd in een adem genoemd met mensen als Karel Appel (waarmee hij ook goed bevriend was). Maar ondanks dat we zijn naam misschien niet allemaal helder voor de geest hebben kennen vele zijn werk onbewust toch goed. In Rotterdam kun je niet om hem heen en dat is te danken aan het feit dat hij veel monumentale kunst heeft gemaakt. Zo werkte hij veel met architect Herman Kraaijvanger samen (o.a. De Doelen, Sationspostkantoor en het Holbeinhuis). Hiervoor maakte Louis van Roode grote mozaieken. 

Na zijn opleiding aan de Rotterdamse academie opende Louis van Roode een mozaiekatelier aan de Hertekade (achter de Boompjes). Hier had hij veel vrouwlijke studenten van de Kunstacademie in dienst (die de Meisjes van van Roode genoemd werden). In het atelier werden ondermeer de mozaieken voor het Coolsingelziekenhuis gemaakt, die zich nu in de ontvangsthal van het Erasmus MC bevinden. Een ander opvallend werk is de grote relief-mozaiek "het gezin" op de Westblaak. Door deze opdrachten kreeg Louis van Roode veel bekendheid en aanzien. Daarnaast was hij een veel besproken kunstenaar, omdat hij zich tevens als kunstcriticus profileerde en uitgesproken opvattingen had over wat kunst zou moeten zijn. Louis van Roode vond bijvoorbeeld dat het onzin was dat de eerste 3 drukken van een litho meer waarde hadden dan de 1000ste druk terwijl er geen wezelijk verschil zichtbaar is tussen de eerste en de 1000ste. Ook zette hij zich samen met de andere Argusleden in om betaalbare kunst te maken (meestal in de vorm van litho's). Zodat kunst ook bereikbaar werd voor de Rotterdamse arbeidersklassen.
Mede door deze socialistische opvatting kon Louis van Roode zijn eigen succes maar moeilijk vormgeven. Aan de ene kant vond hij de aandacht en de luxe die hem toekwam prettig, maar aan de andere kant vond hij het een moeilijk idee dat een kunstenaar zich de luxe van een eigen auto zo mogen veroorloven. Deze innerlijke tweestrijd heeft er uiteindelijk toe geleid dat Louis van Roode op de grauwe dag in februari 1964 een eind aan zijn leven maakte.

Tip van de dag: De naam Louis van Roode nooit meer vergeten! En als je eens in Rotterdam bent zijn mooie mozaieken bewonderen. Vooral het Stationspostkantoon is een bezoekje waard. Je komt er niet makkelijk in, maar als je binnen bent vind je in de trappenhal schitterende glasmozaiek-ramen en zul je begrijpen waarom Louis van Roode ooit zo'n gewaardeerd man was.

zaterdag 28 april 2012

De leerlingen van...


Frans Slot (coloriet glazuur) Lucie Q Bakker

Soms is het juist goed als het niet zulk goed weer is op Zaterdag ochtend. We werden wakker van de regen en net als ik moeten veel Rotterdamse verzamelaars gedacht hebben "laten we de rommelmarkt dan maar een weekje over slaan". Maar toen we zaten te ontbijten hield het op met regenen en ben ik toch maar even gegaan. En dat werd weer beloont natuurlijk. Vorige keer met een Rozenburg vaasje voor 50 euro, nu kocht ik voor 4 euro een schaaltje van Chris Lanooy en een vaas van Lucie Q Bakker! En omdat de laatste onbekender is, maar niet minder interessant kon een blog niet uit blijven.
Waar komt Lucie Quirina Bakker vandaan? Om deze vraag te beantwoorden en om het belang van haar werk te zien moeten we terug in de tijd. Er ging namelijk een ontwikkeling vooraf die veel mogelijk gemaakt heeft. Lucie Q Bakker werd in 1915 geboren in Rotterdam. Ze volgde hier de academie en verhuisde naar Amsterdam. Daar ging ze pottenbakken. Dat klinkt nu vrij gewoon, omdat zoveel mensen een eigen pottenbakkersateliertje hebben, maar in die tijd was dat lang zo gewoon niet.
Rond 1900 werd er veel keramiek gemaakt in Nederland. Door de belangstelling voor Art Nouveau en Art Deco kunst, schoten het aantal plateelbakkerijen als paddestoelen uit de grond. De bekendste fabrieken; Rozenburg, Amstelhoek, de Distel en Gouda Zuid-Holland namen de grootste productie voor hun rekening. Omdat dit aardewerk van een vernieuwde vormgeving moest worden voorzien werden kunstenaars aan getrokken. In eerste instantie om vazen te beschilderen, maar tussen deze schilders zaten ook mensen met meer ambitie en liefde voor aardewerk. De twee mensen die het meest betekend hebben in de geschiedenis van het Nederlands keramiek zijn Bert Nienhuis en Chris Lanooy. 
Zij wilde meer. Na voor Rozenburg, Haga en Firma Wed. N.S.A. Brandjes te hebben gewerkt richtte Chris Lanooy in 1907 als een van de eerste zijn eigen pottebakkers atelier op. Snel gevolgt door Bert Nienhuis die daarvoor verbonden was aan de Distel. Hier voerde ze glazuur experimenten uit en maakte zo vele keramiek unica's. Zowel Lanooy als Nienhuis werden (wereld)beroemd met hun werk. En uiteraard waren er dan ook genoeg mensen die in de voetsporen van deze keramische reuzen wilde treden. Lanooy had hier veel moeite mee.

Vaas Chris Lanooy en plastiek van Jules Vermeire
uitgevoerd door Cees Sluijter
Hoewel Lanooy veel leerlingen heeft gehad, heeft hij zijn glazuurrecepten nooit vrij willen geven. Het echtpaar Hobbel-van-Harten kreeg les van hem, maar om te voorkomen dat ze net zo succesvol zouden worden als hij, vertelde hij ze maar weinig en hielp ze meebouwen aan een keramiekoven waarin al het keramiek barstte bij het afkoelen (waarna zij nooit meer iets van Lanooy wilde weten). Zelf zijn eigen zoon Cees Lanooy heeft de recepturen van zijn vader nooit te pakken gekregen. Cees Sluijter had iets meer geluk, maar werd uiteindelijk toch met name bekend door de plastieken van Jules Vermeire die hij uitvoerde. De enige die echt bij Lanooy in de buurt kon komen was zijn trouwste leerling en hulp Frans Slot. Frans Slot voerde veel aardewerk uit voor Lanooy en heeft als beloning hiervoor uiteindelijk de geheime recepten gekregen. Frans Slot ging echter zelf door met experimenteren en maakte zijn belangrijkste stukken in zelf ontwikkelde glazuren.   
Bij Bert Nienhuis ligt het allemaal wat minder ingewikkeld. Nienhuis ging in 1917 les  geven aan de Kunstnijverheidsschool Quellinus Amsterdam en had hier een hele schare leerlingen. Een van de bekendste in Lucie Q Bakker.
De leerlingen van Lanooy en Nienhuis werden veelal in de oorlog geschoold. Na de tweede wereld oorlog begonnen vele van hen eigen keramiek ateliers; het begin van wat we nu Studio-keramiek noemen. Zo ontstond er een hele nieuwe generatie van keramisten met nieuwe ideeën, nieuwe vormgeving met nieuwe mogelijkheiden. De geschiedenis van deze keramische periode moet nog geschreven worden en vandaar dat de meeste namen nog niet zo bekent zijn bij het grote publiek. Maar met de hulp van instellingen zoals museum Princessehof in Leeuwarden wordt er steeds meer gedocumenteerd en wordt het werk meer gewaardeerd.

Koffieservies Frans Slot

Tip van de dag: Je verdiepen in na-oorlogs keramiek. Een goede investering in tijden van crisis. Want doordat het werk bij het grote publiek nog niet zo goed bekend is kun je zomaar op een druilerige Zaterdag ochtend een Lucie Q Bakker kopen voor 2 euro op de rommelmarkt!